ERYTHEEM IN HET GELAAT EN/OF IN DE NEK NA STARTEN DUPILUMAB home ICD10: L27.1

Bij patiënten die behandeld worden met dupilumab voor atopisch eczeem kan roodheid van het gelaat optreden. Gemiddeld ontstaat dit 11 weken na het starten. De bijwerking is tijdens de registratie trials niet opgevallen, maar na de introductie wel. En het is niet zeldzaam, in sommige publicaties wordt genoemd dat het bij tot 10% van de patiënten ontstaat. Het is beschreven onder de namen facial and neck erythema associated with dupilumab treatment, new regional dermatoses, dupilumab facial redness, paradoxic head and neck erythema, en persistent facial dermatitis. De rode vlekken in het gelaat zijn opvallend en storend, en bij circa 10% van de patiënten reden om te stoppen. Circa de helft van de patiënten had voor het starten ook al wat eczeem vlekken in het gelaat, maar bij de andere helft was het een nieuwe bevinding. De klachten zijn naast roodheid soms jeuk, branderige sensaties, zwelling, en warm aanvoelen van de laesies.

De oorzaak van dit fenomeen is niet bekend. Er zijn verschillende theorieën, o.a. dat het een variant van rosacea is, of een reactie op Pityrosporon (Malassezia) gisten, of een rebound fenomeen na het minder gaan smeren met corticosteroïden omdat dupilumab begon te werken. Bij enkele patiënten werd ook gedacht aan een contacteczeem of alcohol-induced flushing. Hoewel het mechanisme niet duidelijk is, lijkt het toch wel een echte bijwerking van dupilumab te zijn, die inmiddels al vaak is gerapporteerd.

Therapie:
De meeste patiënten zijn behandeld met lokale corticosteroiden, tacrolimus zalf of pimecrolimus crème, lokale of systemische antimycotica, of combinatiepreparaten van steroïd en antimycotica. Bij circa 60% van de patiënten trad verbetering op met deze behandelingen. Metronidazol crème, gericht op rosacea, werd bij enkele patiënten geprobeerd zonder succes. Als het erytheem niet vermindert onder behandeling kan het een reden zijn om dupilumab te stoppen.

R/ lokale corticosteroïden klasse II of III.
R/ tacrolimus zalf of pimecrolimus crème.
R/ ketoconazol crème.
R/ Daktacort crème (ketoconazol / hydrocortison).
R/ itraconazol, terbenafine of diflucan oraal.


Referenties
1. Jo CE, Finstad A, Georgakopoulos JR, Piguet V, Yeung J, Drucker AM. Facial and neck erythema associated with dupilumab treatment: A systematic review. J Am Acad Dermatol 2021 May;84(5):1339-1347. PDF
2. Waldman RA, DeWane ME, Sloan B, Grant-Kels JM. Characterizing dupilumab facial redness: a multi-institution retrospective medical record review. J Am Acad Dermatol 2020;82(1): 230-232.
3. de Wijs LEM, Nguyen NT, Kunkeler ACM, Nijsten T, Damman J, Hijnen DJ. Clinical and histopathological characterization of paradoxical head and neck erythema in atopic dermatitis patients treated with dupilumab: a case series. Br J Dermatol 2020;183(4):745-749.
4. Zhu GA, Chen JK, Chiou A, Ko J, Honari G. Assessment of the development of new regional dermatoses in patients treated for atopic dermatitis with dupilumab. JAMA Dermatol 2019; 155(7):850-852.
5. de Beer FSA, Bakker DS, Haeck I, et al. Dupilumab facial redness: positive effect of itraconazole. JAAD Case Rep 2019;5(10):888-891.
6.  Igelman SJ, Na C, Simpson EL. Alcohol-induced facial flushing in a patient with atopic dermatitis treated with dupilumab. JAAD Case Rep 2020;6(2):139-140.
7. Herz S, Petri M, Sondermann W. New alcohol flushing in a patient with atopic dermatitis under therapy with dupilumab. Dermatol Ther 2019;32(1):e12762.
8. Soria A, Du-Thanh A, Seneschal J, Jachiet M, Staumont-Sallé D, Barbarot S. Development or exacerbation of head and neck dermatitis in patients treated for atopic dermatitis with dupilumab. JAMA Dermatol 2019;155(11):1312-1315.
9.  Wang JF, Zouzias CD, McLellan BN. A case of facial erythema in a patient with atopic dermatitis treated with dupilumab. J Am Acad Dermatol 2019;81(4):AB4.
10. Heibel HD, Hendricks AJ, Foshee JP, Shi VY. Rosacea associated with dupilumab therapy. J Dermatolog Treat 2019;32(1):1-12.


Auteur(s):
dr. Jan R. Mekkes. Dermatoloog, Amsterdam UMC.

18-01-2022 (JRM) - www.huidziekten.nl W3C-html-4.01-valid



Diagnosecodes:
ICD10 L27.1 Gelokaliseerde huideruptie door ingenomen geneesmiddelen
ICD10 L27.1 Localized skin eruption due to drugs and medicaments taken internally
SNOMED 10625951000119109 Localized dermatitis caused by drug taken internally
DBC 10 Geneesmiddeleneruptie